Vertelperspectieven

VERTELPERSPECTIEVEN

 

Een verhaal kan vanuit verscheidene gezichtspunten worden verteld.

 

 

1. Personaal perspectief: het gezichtspunt van één persoon. Je kruipt in de huid van één personage en beschrijft zijn zintuiglijke waarnemingen. Dat houdt in wat hij ziet, voelt, ruikt en doet. Sommige auteurs houden het bij één personage, één gezichtspunt. Dus ook één verhaallijn. Beginnende auteurs maken weleens de fout om onbewust de gedachten weer te geven van andere personages. Wat natuurlijk niet kan. Een goede oefening: schrijf het hoofdstuk in de "ik"-vorm, dan maak je die fout niet zo makkelijk. Nadien bewerk je het verhaal zodat de "ik-vorm" in de "hij-vorm" komt.

 

 

2. Meerder gezichtspunten. Wordt in sommige werken ook meervoudig "personaal perspectief" genoemd. Je schakelt van het ene gezichtspunt naar het andere. Telkens kruip je in de huid van een ander personage en je gebruikt dan ook enkel "zijn" zintuigen. Als je in de huid van "X" bent gekropen, kun je niet weten wat de zintuigen van "Y" registreren. Telkens als je omschakelt naar een ander "personaal perspectief", laat je een witte lijn. Mag ook een dubbele witte lijn zijn.

 

 

3. Wisselend personaal perspectief. Lijkt op het voorgaande, maar telkens als je naar een ander gezichtspunt omschakelt, gebruik je een nieuw hoofdstuk. Een goed voorbeeld zijn de boeken van George R. R. Martin, "Game of thrones". Elk hoofdstuk heeft de naam van het "personaal perspectief". Zo kan de lezer de gedachten en gevoelens van de nevenpersonages leren kennen.

 

 

4. Auctoriaal perspectief: de verteller weet alles. Ook de gedachten en de zintuiglijke waarnemingen van alle personages. Zo schreef men vooral in de vorige eeuwen.

 

 

5. Ik-perspectief. Is hetzelfde als het enkelvoudig "personaal perpectief", maar dat is niet noodzakelijk het hoofdpersonage. De ik-persoon moet wel aanwezig zijn om de handelingen van andere personen weer te geven. Wat hij niet gezien heeft, kan hij wel veronderstellen.

 

Om het even welk perspectief je wenst te gebruiken, vergeet niet dat je alleen de zintuiglijke waarnemingen kunt weergeven van de persoon in wiens huid je zit. Wil je de gedachten en gevoelens van een ander persoon weergeven, moet je van personage veranderen. Heel wat beginnende auteurs vergeten dat. Ook bekende auteurs maken daar nog wel eens fouten tegen. Maar daar wijst hen normaal de eindredacteur op.

 

Harlan Coben gebruikt geregeld het "ik-perspectief". Maar hij combineert dat met het wisselend en/of het meervoudig personaal perspectief. Zijn hoofdfiguur is in de ik-vorm en alle nevenverhalen in de derde persoon. Ondertussen zijn er al heel wat Amerikaanse auteurs die deze methode aanwenden. Ook ik heb "Omerta" en "Marians odyssee" op deze manier geschreven.

BANK